VERHALEN EN ANECDOTES

 

Dinsdag 15 februari 2011, Hazerswoude Rijndijk

Zo langzaamaan druppelen er meerdere herinneringen mijn gedachten binnen. Vooral na het lezen van andermans verhalen komen er herinneringen boven.

Zo schrijft Miranda in haar stukje ‘zeg maar Gerard tegen Gerrit’. Voor mij als kind was het heel gek om te horen dat mijn opa Gerard eigenlijk Gerrit heette.

De hele toedracht was mij niet duidelijk, dat vertelde Mies me vandaag, maar ik had in groep 8 mijn arm gebroken en opa had op het gips geschreven: beterschap van opa Gerrit.

Dat vond ik toch zo raar. Ik weet dat ik bij de familie Mekel kwam en dat Ditte en Maartje vroegen wie dat was. Toen ik het uitlegde, hebben we volgens mij hard gelachen.

Erik had ook nog een leuke herinnering. Toen hij net bij ons over de vloer kwam en opa voor het eerst zag, vroeg opa ‘wil je vliegenier worden, jongen?’. ‘Nee meneer, ehh hoezo?’. ‘Nou de vleugels heb je al!’ Nu moeten jullie weten dat Erik inderdaad zijn haar zo had dat hij twee ‘vleugeltjes’ had.

Erik heeft het overigens altijd heel erg gewaardeerd dat hij door opa op gelijke voet als de andere kleinkinderen behandeld werd. Voor ons slagen kregen Alexander en ik allebei 100 gulden. Erik die ook geslaagd was, kreeg dat ook. Ik weet nog dat Erik zo van slag was van het gebaar dat hij naar de hal liep om tot zichzelf te komen. Ik weet dat hij tegen mijn moeder heeft gezegd dat het veel voor hem betekende dat hij nu familie had waar hij gelijkwaardig werd behandeld. Allen die Eriks achtergrond een beetje kennen, weten dat dit veel voor hem betekent.

Dezelfde ruimhartigheid had opa ook voor mijn nichtje Kim en neefje Reinier. Met Nieuwjaar had opa ook voor hen altijd een zakje met geld. Jenny mailde me om me te condoleren en wilde graag kwijt dat zij het enorm waardeerde dat voor opa haar kinderen er ook ‘bij hoorde’.

Zomers waren we graag bij opa. In mijn eerste stukje schreef ik dit al. Ik weet nog eens dat ik we in de tuin aan het spelen waren en dat opa een hele grote mee-eter op zijn rug had. Ik zei het tegen hem en ik moest hem gewoon van hem uitknijpen!!! Bah!! Ja dat doe je dan maar. Ik weet nog dat mijn vader zijn neus optrok. Mijn vader vond het ook niet zo oké als opa zijn kunstgebit zo ineens in onze handen gaf, zo van ‘hierzo voor jou’. Ik weet dat ie mijn zusje hier vaak tuk mee had. Ik denk dat mama eens gezegd heeft dat papa het niet zo fris vond, want ineens was het over en deed opa het niet meer.

Toen we nog kleiner waren, maakten we kettingen van de madeliefjes in de tuin. Het gras lag er altijd gelikt bij en de madeliefjes waren prachtig. De geur in de tuin is ook iets wat me altijd bij zal blijven; de geur van het tuintafeltje in het bijzonder; die rook naar teer.

Sowieso hing er altijd een typische geur bij opa thuis. Onmiskenbaar een oude mannenlucht. Mama vertelde dat de geur na zijn dood nagenoeg weg was. Toch wilde ik het nog één keer ruiken. De geur van mijn herinnering aan opa. Gelukkig rook zijn jasje nog naar hem en een vleugje brilcream (schrijf je dat zo?). Over de brilcream trouwens. In mijn puberteit was de kuif helemaal in. Na een middagje zonnen in de tuin en ratten met water besloten de volwassenen dat we met zijn allen naar de Chinees zouden gaan (dat gebeurde nogal eens). Ik helemaal overstuur, want ik had geen haarlak bij me. Gelukkig mocht ik opa’s brilcream gebruiken, niet weten dat je haar daar heel sluik en een soort van vettig van wordt. Dus het zat nog erger dan daarvoor. Gek dat je je daar als puber zo druk over maakt, nu is het een dierbare herinnering.

Filmpjes monteren voor mijn opleiding is ook iets wat ik me goed en levendig herinner. En wat een pietje precies het was. Zo hebben we veel filmpjes ge-edit en altijd de complimenten. Dan was ie altijd trots op het feit dat hij zo vooruitstrevend was aangaande de techniek. Het is natuurlijk ook supercool dat opa zo op internet zat. Nu ik mensen over opa vertel en wat ie allemaal op dat internet uitspookte dan zijn de mensen zeer verbaasd over de oude man. Dus opa dat compliment is nog voor jou.

De laatste tijd maakte ik porties eten voor opa klaar. Als mama bij hem ging werken of ik naar mijn vriendin in Poortugaal ging, werd dat bij hem afgeleverd. Hij vond alles lekker en alles was zonde om weg te gooien, dus ‘geef maar hier’ (ook als je eten had op je verjaardag of feest, stond opa in de keuken als het in bakjes werd gedaan).

Er staan hier nog wat bakjes in de vriezer: bestemming afbestemd. Onlangs hadden we weer wat over. ‘O doe dat maar in een bakje voor …… o nee’. Dat is dan weer slikken.

Onlangs heb ik levendig over opa gedroomd. Hij zei dat hij het fijn vond zo en dat we lekker door moeten gaan. Ik genieten van mijn kids en niet zo onzeker zijn. Hij heeft heel de tijd in mijn droom gelachen. Voor mij is de droom en het feit dat ik het lekker van me af kan schrijven een perfecte manier om alles een plekje te geven. Mies nogmaals dank daarvoor.

Esther

 

Naar homepage   Naar Verhalen